De VanDrie Group is onderdeel van de Nederlandse kalversector en heeft vanuit die rol actief bijgedragen aan het opstellen van het sectorplan Veal Forward. Net als alle leden van de SBK heeft de VanDrie Group zich geconfirmeerd aan de ambities die daarin geformuleerd staan. Deze zijn, voor wat betreft transport, in lijn met de eerdergenoemde ambities in het MVO-verslag. Het zal naar verwachting geen effect hebben als een individueel bedrijf of handelaar stopt met importeren van Ierse kalveren omdat de overige partijen, die ook belang hebben bij deze kalveren, deze volgens de geldende Europese wet- en regelgeving alsnog zullen aankopen. Daarom heeft de VanDrie Group zich ingezet om op sectorniveau dezelfde ambities te formuleren en zet de sector zich nu in om deze ambities ook te kunnen realiseren. Daarvoor zijn in Nederland sector brede instrumenten nodig. Zie voor verdere toelichting hieronder:
De Nederlandse kalversector maakt integraal deel uit van een Noordwest-Europese zuivelketen. Kalveren worden geboren in de melkveehouderij en verhandeld binnen de Europese interne markt. Import van kalveren, onder andere uit Ierland, hangt samen met seizoensinvloeden, beschikbaarheid van dieren, diergezondheidseisen en Europese regelgeving. Het terugdringen van langeafstandstransport en importstromen is daardoor geen strikt nationaal vraagstuk, maar een keten- en Europees vraagstuk.
De sector werkt via het sectorplan ‘Veal Forward’ aan verbeteringen in dierenwelzijn, transportvoorwaarden, diergezondheid, antibioticareductie en verduurzaming. Binnen dit plan zijn ook strengere eisen opgenomen voor de import en het transport van kalveren. Indien deze sectorale eisen volledig worden geborgd, zou dit de huidige importpraktijk uit landen als Ierland feitelijk beëindigen.
Vrijwillige sectorafspraken kennen echter beperkingen binnen de Europese interne markt. Wanneer strengere eisen alleen gelden voor deelnemers aan een privaat kwaliteitssysteem, bestaat het risico dat handel verschuift naar partijen buiten dit systeem. Dit kan ertoe leiden dat het totale aantal geïmporteerde kalveren nauwelijks afneemt, of dat dieren juist langere afstanden afleggen naar andere bestemmingen. Ook bestaat het risico dat bedrijven het kwaliteitssysteem verlaten om onder ruimere EU-regels te kunnen blijven handelen.
De discussie over kalverimport en transport raakt daarmee aan een breder beleidsvraagstuk: hoe kan effectief worden gestuurd op transportvoorwaarden en importstromen zonder een ongelijk speelveld te creëren binnen de EU. Structurele veranderingen vereisen sector brede instrumenten en bij voorkeur Europese regelgeving, waarbij overheid en sector gezamenlijk optrekken.